Ondersteuning

Passend Onderwijs

Sinds 1 augustus 2014 is de wet Passend Onderwijs van kracht. In deze wet wordt de zorgplicht voor scholen geregeld. Passend onderwijs is dus niets anders dan goed onderwijs op de juiste plek. De scholen binnen het Samenwerkingsverband Dordrecht zorgen daarvoor. In de praktijk betekent het dat scholen samen met ouders kijken naar de mogelijkheden van een kind en wat er nodig is om een kind een passend onderwijsprogramma te bieden. Voor de meeste kinderen zal dat het reguliere programma van de school zijn. Meer informatie over passend onderwijs in Dordrecht vindt u hier.

Het Samenwerkingsverband

Onze school is dienstverlenend aan het Samenwerkingsverband (SWV) Dordrecht. Het SWV is samengesteld uit de scholen voor primair onderwijs binnen Dordrecht. Hierbij horen ook de Speciale basisscholen en Speciaal onderwijsscholen voor basisonderwijs. Het SWV beoordeeld welke ondersteuning voor kinderen nodig is en kent de TLV (toelaatbaarheidsverklaring) toe. Meer informatie op de website van SWV. Of bel naar: 078-8905017.

Schoolondersteuningsprofiel (SOP)

Sinds de invoering van het ‘passend onderwijs’ zijn scholen verplicht om een schoolondersteuningsprofiel (SOP) op te stellen voor vier jaar. Hierin wordt aangegeven welke mogelijkheden en ambities de school heeft voor de ondersteuning van leerlingen met specifieke onderwijsbehoeften. Het SOP wordt indien nodig bijgesteld. Via onderstaande link komt u bij het SOP.

Ondersteuning in de eigen groep

De ondersteuning voor de leerlingen begint in de groep bij de eigen leerkracht van uw kind. De leerkracht stemt het onderwijs steeds af op de mogelijkheden van het kind en volgt de ontwikkeling van de leerling op de voet. De opzet van de aanpak van een kind legt de leerkracht neer in een plan. Dit kan het OPP (ontwikkelingsperspectief) zijn, maar ook een blok- of groepsplan. Een OPP is een toekomstverwachting voor de kortere termijn over de belangrijkste werkpunten van een kind. We beschrijven waar het kind op dat moment het meest begeleiding in nodig heeft en welk resultaat dat op moet leveren. Na een afgesproken periode kijken we of de gestelde verwachtingen en de werkelijke opbrengst met elkaar kloppen. Wijkt dit af dan bekijken we de oorzaken hiervan en stellen onze aanpak bij. Vervolgens stellen we nieuwe doelen en onderwijsbehoeften op. Ook wordt op een bepaald moment het uitstroomperspectief van de leerling in het OPP vastgelegd.

Ondersteuningsmiddelen

Alle groepen werken met “het stoplicht” en “de time-timer”. Dit zijn middelen om effectieve instructie te geven en de leerlingen te ondersteunen bij het uitstellen of juist sneller stellen van vragen. Daarnaast bevordert het de zelfstandigheid van de kinderen.

Ook zetten we ondersteuningsmaterialen, zoals koptelefoons en study-buddy's in. We leren kinderen zelf te ontdekken welk materiaal het best bij hen past. Daarbij willen we ook weer de behoeft aan de ondersteuning afbouwen. Ook een kind dat een vorm van prikkelverwerking nodig heeft, kan gebaat zijn bij aangepast materiaal of beweging.

Ondersteuning door externen onder schooltijd

Wij werken met diverse organisaties samen. Zo kunnen wij onder schooltijd op school ondersteuning door externen bieden. We werken samen met de Logopediepraktijk Marisplein en Cesar therapeutes Danielle Beijer en Jeline Bragt-van Eck. Via de zorgcoördinatoren kan u eventueel ook in contact gebracht worden met PMT.

Het ondersteuningsteam

In overleg met ouders is meer gespecialiseerde ondersteuning mogelijk. We bekijken dit samen met u en de leerkracht in het Ondersteuningsteam (OT). Het OT komt op afroep bij elkaar. Het OT bestaat uit:

· De orthopedagoog: Thea Korporaal

· De zorgcoördinator: Pieta Versteeg, Marielle Geurts of Mariska Klatt

· De ouder-kindcoach: Marieke van Gurp

· De schoolarts: Walter Liem

Planmatig handelen

Wanneer de leerkracht constateert dat de ontwikkeling van het kind op een bepaald gebied stagneert, stellen we hierop een specifieke aanpak vast. Deze aanpak past de leerkracht zelf in de groep toe. Als dit niet het gewenste resultaat oplevert, besluiten speciale hulp in te roepen: 


A: Vakspecialisten lezen, spelling/ taal en rekenen 

B: Zorgcoördinatoren

C: Het Ondersteuningsteam

Als een kind problemen heeft met de spraak-taalontwikkeling of communicatie kan de logopediste met het kind werken of de leerkracht adviseren m.b.t. een specifieke aanpak. Het streven is om alle extra hulp zoveel mogelijk in of bij de klas te geven. Het totale hulpsysteem is voortdurend onderwerp van gesprek.

Leerling-en groepsbesprekingen

Twee keer per jaar bespreken we ieder kind in een breed intern overleg waarbij o.a. de zorgcoördinator en de leerkracht(en) aanwezig zijn. In deze bespreking bekijken we de totale ontwikkeling van het kind in relatie tot het uitstroomperspectief en/of de ontwikkelingsperspectieven en stellen indien nodig onze aanpak bij. Vanuit het begeleidingsproces van het kind op onze school kan blijken dat hulp nodig is die niet of niet voldoende binnen de school beschikbaar is. Daarvoor moet u dan een beroep doen op externe instanties (denk aan het wijkteam, Jeugdzorg e.d.). Zo nodig zullen we tijdig en uitvoerig met u en het ondersteuningsteam overleggen. We kunnen ouders ook begeleiden in de aanloop naar een extern traject.

Zware ondersteuning of doorverwijzing

Als een kind met toegekende zware ondersteuning binnenkomt bij ons, integreren we de gevraagde aanpak binnen de grenzen van onze dagelijkse werkwijze. Op het moment dat een kind op basis van deze aanpak in een ongewenste uitzonderingspositie komt en/ of het moment dat de grenzen van onze mogelijkheden, ook met ondersteuning, bereikt zijn, gaan wij in gesprek met ouders. Wij vinden dat dat het moment is waarop plaatsing binnen een SO-voorziening beter is voor kind en omgeving.

We streven ernaar om zoveel mogelijk te bieden, maar we kunnen niet alles.